Biebrza Nationaal Park – De reis naar het wilde Polen (Deel 2)

4. Biebrza het bovenste gedeelte van het national park

We reizen naar het noordelijke (bovenste) gedeelte van nationaal park Biebrza binnen de blauwe cirkel. We verblijven specifiek binnen het oranje gedeelte. Vanuit daar gaan we op safari.

Via deze link vind je een Google maps kaart met alle plekken waar ik ben geweest, gemarkeerd met foto`s

Omdat het ’s nachts vroor en het overdag zo’n 7 à 10 graden was, en mijn internetbundel op was 😆, besloot ik om in het tweede deel van mijn reis niet te gaan kamperen. Ik ging op zoek naar een huisje of een kamer en dat deed ik in het dorp Dolistowo Stare.

Wat volgens Google een soort hotel met kamers was, bleek uiteindelijk een kleine supermarkt te zijn.

Ik stapte de supermarkt binnen en zei tegen de kassière:
“Hello, English?”
“Yes”
“One room, please”
“This is a supermarket”
zei de vrouw, terwijl ze een fles frisdrank in haar hand had😂.

Ze vertelde dat er geen kamers werden verhuurd, maar ze wilde wel voor me bellen. Oké, na één telefoontje was het geregeld: ik moest op een parkeerplaats in het dorp wachten en na een half uur zou ik worden opgehaald.

Tijdens het wachten besloot ik wat rond te kijken. Ik zal je ondertussen over het dorp vertellen.

Het dorp Dolistowo Stare

In het dorpscentrum loopt een weg naar een parkeerplaats. Aan de parkeerplaats ligt een strandje aan de rivier de Biebrza. Hier kun je in de zomer lekker zonnen en zwemmen.

Op de foto hieronder zie je het strandje en een grasveld. In de winter staat de rivier ongeveer tot aan de bankjes. De overkant van de rivier ligt lager. Als de rivier overstroomt, gaat het meeste water de andere kant op.

Dolistowo is een schilderachtig dorpje aan de rivier de Biebrza. Aan de zuidkant wordt het omringd door velden en weilanden, aan de noordkant door uitgestrekte moerassen. De lokale bebouwing is een mooi voorbeeld van traditionele houten architectuur. De meest interessante historische gebouwen zijn de classicistische katholieke Sint-Laurentiuskerk uit het einde van de 18e eeuw, een klok uit 1692 in een nabijgelegen kapel en een torenmolen uit het begin van de 20e eeuw. Aan de overkant van de rivier liggen eindeloze wetlands, die iets verder overgaan in het streng beschermde natuurgebied Czerwone Bagno het grootste elandenreservaat van Polen.

Bij het strand van Dolistowo is een goed uitgeruste camping te vinden. Je kunt er ook kajaktochten maken op de Biebrza, georganiseerd door lokale agritoeristische boerderijen. Het is het beste om je kajakavontuur te beginnen bij de houten brug in Dolistowo en vervolgens stroomafwaarts richting Wroceń te varen. De grindweg van Dolistowo naar Jasionowo kan in het voorjaar en najaar onbegaanbaar zijn, omdat hij dan onder water komt te staan. Wanneer het waterpeil daalt, veranderen de omliggende weiden in een perfecte plek om vogels te observeren, zoals kieviten, grutto’s, wulpen, watersnippen en tureluurs. Je maakt ook kans om de kemphaan te zien – het symbool van het Nationaal Park Biebrza. Deze soort is bijzonder omdat de mannetjes tijdens het broedseizoen een kleurrijk verenkleed ontwikkelen. Geen enkel verenkleed is hetzelfde en het baltsgedrag van de vogels is een indrukwekkend schouwspel van kleuren en geluiden.

Biebrza rivier

Wachten op een parkeerplaats voor een slaapplek

Een half uur later kwam er inderdaad een vrolijke, Duitssprekende meneer naar de parkeerplaats. Hij nam me mee naar een huis. “600 zloty for 3 days” (€141 voor drie dagen), mét wifi. Ik mocht op de dag van vertrek blijven zolang ik wilde. Top!

Het huisje

Huurhuisje

Ik was geüpgraded van een bevroren tent naar een huis, mét wifi 😉👍.

Het huis heeft een mega­tuin met een terras en een visvijver, een bos met daarachter de rivier de Biebrza. In de tuin, langs de rivier, staat dit bord. Je kunt hier blijkbaar dus ook paalkamperen.

Biebrza rivier

Tijd om het geluk te beproeven en twee wildcamera’s tactisch langs de rivier te plaatsen. Easypeasy 👌, want de oever loopt overal steil omhoog. Er zijn twee lage stukjes met zand; de bever zal daar zijn vacht poetsen of eten. Zoals je op de onderstaande foto ziet, drijven er al wat kaal geknaagde takken.

Dit betekent wel dat ik bij de camera’s blijf tot het donker is en ze morgenochtend voor het eerste licht weer ophaal. De reden daarvoor is dat hier mensen kajakken en ik niet wil dat de camera’s worden gestolen. Van de verhuurder heb ik wel toestemming om de camera’s te plaatsen. Hij zei dat er een aantal jaar eerder otters waren vastgelegd met wildcamera’s.

Ik belde de vrouw van de verhuurder. Ze sprak een beetje Engels. Ik vroeg of haar man (tegen betaling) tijd en zin had om mij de omgeving te laten zien. Ik dacht: misschien vindt die man dat wel heel leuk om te doen. Het scheelt mij zoeken en hij is dan ook lekker een dagje de hort op.

Even later kwam ik dit spandoek in de tuin tegen 😆.

Ik had blijkbaar een huisje gehuurd bij Biebrza Safari 😂 en ik had zojuist onbewust een tour aangevraagd bij een professionele safari­gids.

Het was het einde van de dag, en ik besloot onder het genot van zingende vogels te wachten op de zonsondergang.

In de tuin van het huisje, langs de Biebrza rivier.

Man man, wat zou ik hier graag willen wonen.

In de tuin van het huisje, langs de Biebrza rivier.

In de tuin van het huitsje, ik ga naar huis en hoor een bosuil.

Eenmaal thuis viel het me op dat er een bosuil begon te roepen. Ik dacht toen: “Ooh, je zou hier wonen en zelfs een bosuil vlak bij je huis hebben. Dat lijkt me echt geweldig!”

Terwijl ik dit blog schrijf, werd ik afgelopen nacht thuis in Nieuwegein (Nederland) wakker van een roepende bosuil. Het geluid was zo duidelijk dat het via mijn slaapkamerraam naar binnen kwam, en ik werd wakker omdat ik het geluid herkende. 🦉 Mijn wens is toch nog uitgekomen. Ik heb hem dit jaar (2025) één keer horen roepen, dus ik denk dat mijn wens eenmalig uitkwam.

Terwijl voor mij de dag eindigde, begon de dag voor de bevers.

Ooievaar in de tuin

Ooievaar in de tuin

Ooievaar in de tuin

Dit is toch gaaf! Volgens de Duitse huisverhuurder hadden ze ook een “koekoek”. Daarmee bedoelde hij een kuiken, ontdekte ik later.

Eén van de twee volwassen ooievaars had nogal een onverzorgde vacht. Mogelijk kwam dat doordat de ooievaar een wond in zijn nek had (zie foto), waardoor het poetsen pijn deed. Toch poetste de vogel wel zijn veren. Gelukkig maar, want die zijn nodig om te overleven.

Als je met de auto door Polen rijdt, valt het op dat er veel ooievaars en ooievaarsnesten te zien zijn. In elk dorpje staan er vaak meerdere. Als de zon opkomt en je rijdt langs zo’n paal met nest, geeft de ooievaar soms een heel mooi silhouet tegen de opkomende zon. Prachtig! Ik vond onderstaand bord, dat iets uitlegt over de ooievaars.

Informatie bord over ooievaars

Hieronder zie je de vertaling van het bord;

Bescherming van de witte ooievaar in de rivierdelta's van Oost-Polen

Polen wordt beschouwd als het thuisland van de ooievaar, en deze vogel is een symbool van traditionele landelijke landschappen, erkend in eigen land en daarbuiten, vooral in West-Europa. Volgens gegevens van het Europees Ooievaarsnestennetwerk (EEPF) leeft ongeveer 25% van alle witte ooievaars die binnen de EU broeden, in Polen. Hun populatie is echter sinds het begin van de 21e eeuw met ongeveer 10% afgenomen. Deze achteruitgang hangt samen met veranderingen in het gebruik van landbouwgrond en landschappen, vooral de afname van extensief beheerde weilanden en het intensiveren van graslanden en akkers. Hierdoor verdwijnen ook hun voedselgebieden.

Daarnaast is de ooievaar sterk afhankelijk van menselijke structuren voor het bouwen van nesten, wat het belangrijk maakt om de juiste nestgelegenheden en veilige elektrische infrastructuur te behouden of te creëren.

De ooievaar wordt beschouwd als een paraplusoort: door hem te beschermen, beschermen we ook veel andere soorten dieren en planten die in vergelijkbare gebieden leven.

Project: "Bescherming van de witte ooievaar in de rivierdelta’s van Oost-Polen"

Het project wordt uitgevoerd door de Poolse Vereniging voor Vogelbescherming (PTOP), in samenwerking met het Landschapspark van de Narew-vallei en het Nationaal Park Biebrza.

Het wordt gefinancierd door de Europese Commissie via het LIFE-programma (LIFE15 NAT/PL/000728) en medegefinancierd door het Nationaal Fonds voor Milieubescherming en Waterbeheer.

De uitvoering vindt plaats in vijf regio’s in oostelijk Polen: Mazovië, Podlachië, Lublin, Świętokrzyskie en Subkarpaten, en in acht Natura 2000-gebieden.

Belangrijkste doelen en taken van het project zijn:

  • Behoud van de witte ooievaars in Oost-Polen (ca. 1.600 paren).

  • Bescherming van bedreigde en conflictnesten op elektriciteitspalen.

  • Verplaatsing van nesten naar veilige plaatsen.

  • Verlaging van de ooievaarssterfte door veilige reconstructie van elektriciteitsnetwerken.

  • Aanpassing van elektriciteitsmasten (bijv. installatie van platforms).

  • Beperking van verlies aan voedselgebieden (herstel van weilanden, veenweiden, etc.).

  • Verbetering van normen voor nestlocaties en infrastructuur.

  • Verhoging van de biodiversiteit via bescherming van paraplusoorten.

  • Monitoring van nestplaatsen.

  • Educatie en promotie van de bescherming van de witte ooievaar.

In de buurt kun je hoge, duurzame palen zien waarop we bedreigde nesten hebben overgeplaatst als onderdeel van Actie C1. We zorgden er ook voor dat de platforms waren uitgerust met een driedimensionaal nest voor mussen, die vaak samenleven met ooievaars.

Biebrza Safari met de gids

Oké, genoeg over ooievaars. Tijd voor verkenning van Biebrzanski Nationaal Park 😎

Biebrza rivier

Ik ontmoette de gids, die tevens de verhuurder van mijn huis was.
We startten de safari naast het dorp, bij de brug over de rivier de Biebrza.

Als we op bovenste afbeelding een aantal stappen achteruitlopen dan zien we het volgende beeld

Foto laat zien hoe hoog het water kan komen

Op de bovenstaande foto zie je links de brug en rechts een geel huis. De gids vertelde dat het water van de rivier afgelopen jaar (2024) zo hoog stond dat het tegen de stenen fundering van het huis aan kwam (links op de foto zie je de brug in geel).

Hieronder zie je de rivier de Biebrza. De foto is vanaf de brug genomen.

Biebrza rivier. Foto vanaf de brug genomen

Het water van de rivier staat nu erg laag, in het algemeen, maar ook voor deze tijd van het jaar.

De gids had hier een dag eerder een Amerikaanse nerts gezien. Die horen hier helemaal niet. Ook in de Biebrza leven onbedoeld uitheemse dieren.

Normaal bouwen zwanen hun nest aan een nevengeul van de rivier. De gids vertelde dat het water zo laag staat dat de zwanen hun nest nu aan de rivier zelf bouwen.

Zwaan op nest langs de Biebrza rivier

Hieronder zie je zo’n nevengeul van de rivier de Biebrza. Zodra het natte seizoen begint, treedt de rivier buiten zijn oever. Alles wat je hier ziet, zal dan onder water komen te staan.

Nevengeul langs de Biebrza rivier

Vrijwel direct nadat je de brug over bent, kom je een nieuwe uitkijktoren tegen. De grond is hier normaal gesproken onder water of nat en drassig.

Omdat het dit jaar (2025) in mei zo uitzonderlijk droog is en de grond nu ook droog is, bood dit de parkbeheerders een mooie gelegenheid om een nieuwe uitkijktoren op deze locatie te bouwen. Dat is dan ook gebeurd.

De uitkijktoren staat op betonnen palen en de vlonderplanken zijn van plastic.

Als we verder rijden, valt het op dat de harde zandweg enorm hobbelig is. Ik vroeg me af hoe dat is ontstaan. De gids vertelde dat deze weg in de winter onder water staat. Enkele mensen die de weg goed kennen, durven er door het water overheen te rijden. Je ziet de weg dan namelijk niet en moet precies weten wat je doet.

Ik denk dat de ribbels in de weg door de rivier zijn ontstaan, maar ik ben daar niet zeker van. Het hobbelde wel flink.

Moeras in de droogte

Als je naar links kijkt dan zie je grote velden. Het is hier nu droog maar normaal gesproken is dit nat en moeras.

Opgedroogd moerasland

De gids vertelde dat hier ook elanden leven. Er was pasgeleden een bosbrand, waardoor de elanden waarschijnlijk allemaal naar een ander gebied zijn vertrokken.

Op de onderstaande foto zie je een ondieper gedeelte; de beplanting is opgedroogd en grijs van kleur. Hier staat normaal water, waarin mooie gele bloemen groeien. Elanden zijn dol op deze planten!

Opgedroogd moerasland

Hieronder zie je een foto van een informatie bord, hier zie je hoe de gele bloemen er uit zien.

Gele bloemen waar elanden gek op zijn

In het Nederlands heten ze dotterbloem, in het Pools knieć błotna, in het Engels marsh marigold. Deze bloemen bevatten giftige stoffen. Hoewel ze voor veel grote grazers giftig zijn, blijken elanden de planten goed te kunnen verteren.

Ik zie dat de planten her en der nog wel aanwezig zijn, maar ze drogen allemaal uit.

Pop-up weg

Hieronder zie je een tijdelijke weg.

De eigenaar van de woning die je in de verte ziet, kan nu via deze tijdelijke weg direct naar het dorp rijden. Normaal gesproken is dit veld zo nat dat de bewoner 1 km moet omrijden om in het dorp te komen. In de winter, als de rivier buiten zijn oevers treedt, moet de bewoner 30 kilometer omrijden om bij het dorp te komen.

 
 

Ga eens een tijdje naast je auto staan en kijk rustig met je verrekijker over het veld.
Je ziet steeds meer dieren: daar zit een vos, daar zit een grutto, daar zit een wulp, daar zit een haas.

Het barst hier van het leven. Ik zag ook een aantal keren een hop.

Grutto (Limosa limosa)

Wulp (Numenius arquata)

Populaire plek om vogels te spotten

Op de plek van de bovenstaande foto is blijkbaar een hele bekende plek om bijzondere vogels in het riet te spotten. Toen ik hier was, stopte er een grote touringbus voor me. Er stapten zo’n 25 fotografen uit, die allemaal ongeveer 15 minuten rond mochten kijken. Het waren Nederlanders. Ik reed heel relaxt voorbij met mijn raam open en groette ze goedemorgen. Ze stonden wel gek te kijken dat ik daar was ;).

Een van de vogels die ik op deze plek fotografeerde, was de gele kwikstaart. Voor mij niet zo interessant, maar de gids was er razend enthousiast over.

Gele kwikstaart

De gids nam me op een gegeven moment mee de bosjes in. Hij wees naar een hangende pluizenbol en zei: “Buidelmouse, koek, buidelmouse” — tenminste, zo verstond ik het 😆. Ik vertaalde dit naar muis, muis! Later bedacht ik me dat hij Beutelmeise zei. Dat betekent buidelmees in het Nederlands.

Ik had verwacht dat er een muis uit zou komen, maar het was een vogel 😂.

De buidelmees bouwt zijn nest van plantaardige vezels, zoals zaadpluis, grasvezels en wilgenpluis. De vogel gebruikt zijn snavel als “weefnaald”. De vezels worden in elkaar gehaakt, waardoor de wand viltachtig en stevig wordt.

Je moet wel een sterkte maag hebben, om in deze woning te kunnen wonen 😉
Het nest schommelt alle kanten op.

Op een gegeven moment maakt de rivier een U bocht.

Ik vond deze lege fles wódka langs de weg.

 
 

Achter mij zie je weer de uitgestrekte velden. Hé! wat zien we daar…

Beverdam

Een beverdam!

Beverdam

Het valt me wel vaker op dat bevers hun dam in een ovale vorm bouwen. Als je een beverdam ziet, bevindt de beverburcht zich ergens aan de kant van het hoge water, in de buurt. Als je goed aan de overkant kijkt, zie je dat de bever daar tussen het riet zelfgemaakte kanalen heeft vrijgemaakt door te knagen en te graven.

Beverdam

Op de afbeelding hieronder zie je dat de gids een beverschedel en een bevertand laat zien.
Hij toonde dit bij een andere beverburcht ergens in de omgeving.

 

Bever tand en bever schedel

 

We vervolgen onze weg en rijden door een aantal kleine dorpjes. Het is bijzonder om te zien dat de mensen hier in zulke kleine dorpjes, ver van de steden, vandaan wonen.

Als hier een huis of stal oud is en vervalt of instort dan bouwen ze gewoon een nieuwe ernaast.

Ingestorte stal

Ouderwetse houten huizen verdwijnen, ze maken plek voor stenen huizen.

Links een gebouw van steen, rechts een huis van hout

Kraanvogel

Regelmatig zie je kraanvogels door de velden lopen. Ongeveer zoveel als je hier in Nederland een reiger ziet, zie je daar een kraanvogel. De gids vertelde dat als je in deze tijd (mei) twee kraanvogels zonder “koekoek”-jong ziet, ze dan geen jong hebben.

De kraanvogel broedt in nat land, zoals moerasland. Het nest ligt meestal op de grond, vaak op een kleine verhoging in ondiep water of tussen riet, waar het nest moeilijk bereikbaar is voor roofdieren. Beide ouders broeden en verzorgen de jongen. De jongen worden in mei–juni geboren. Ze leggen meestal twee eieren, maar vaak groeit er maar één jong op. Dit jong verlaat samen met de ouders het nest binnen 24 uur na de geboorte; op dat moment kan het jong nog niet vliegen. Ze beginnen pas na ongeveer negen weken met vliegen.

Bonte kraai

We parkeren op onderstaande locatie.

Biebrzanski Park Narodowy Czerwone bagno

Op de onderstaande afbeelding zie je het duidelijk: twee verschillende soorten bodem. Links is door de mens aangelegd en rechts is de originele veengrond. De dorpen zijn op de door de mens aangelegde grond gebouwd.

De veengrond veert duidelijk een beetje in als je eroverheen loopt.

De gids

We zijn nog maar net van het dorpje vertrokken, en je ziet het op onderstaande afbeelding. Hier is de bodem normaal gesproken nat, staat het onder water of loopt er zelfs op deze plek een riviertje. Zie de foto van een informatiebord hieronder.

De gids vertelde dat hier een soort plant groeit met veel wortels; je kunt dan over de wortels lopen, maar als je mistapt, komt je laars onder water 😜. Nu is alles droog, dat scheelt weer voor mij. Lekker doorstappen.

Foto van een informatie bord

In het geel omcirkelt zie je het dorp in de grote cirkel en een wolvendrol 💩 in de kleine cirkel.

Zo dichtbij komen de wolven dus bij het dorp. Ze eten een hond, kat, schaap, etc. op als ze de kans krijgen.
In dit gebied leeft een roedel van 16 wolven. De boswachter vertelde me dat hij ze dit jaar nog alle 16 tegelijk met een wildcamera op beeld heeft gekregen.

Wolvendrol vlak bij het dorp

Ook de eland komt in dit gebied voor.

Ik heb het al vaker benoemd, maar op onderstaande afbeelding zie je een uitgestrekte vlakte. Normaal gesproken is dit gebied nat. Nu is het gebied droog. De gids is vrijwillig lid van de brandweer. Het komt wel eens voor dat dit gebied in brand vliegt. Als de begroeiing laag is, zoals op onderstaande afbeelding, blijven de vlammen ook laag. Als de begroeiing hoog is, bijvoorbeeld een meter hoog, dan krijg je flinke vlammen. Vanuit de lucht blussen is te duur.

In geval van brand op deze afgelegen plekken wordt kilometerslange brandslang met pompen aangelegd, soms wel tot ongeveer 10 kilometer lang!

Drooggevallen moeraslandschap

Even een sidenote, als je hier `s ochtends vroeg komt dan is het echt adembenemend prachtig.

Grassoorten hebben zich aangepast aan de natte omgeving. De wortels van deze planten groeien deels omhoog, waardoor de graspol op zijn eigen zelfgemaakte eiland kan groeien. Ik kon de gids niet zo goed verstaan, maar hij legde uit dat een zeldzame vogel afhankelijk is van deze graspol. De vogel broedt onder de naar beneden hangende sprieten van de graspol. Ik weet bijna zeker dat het om de waterrietzanger gaat.

Vrijwel over de gehele 10 km-route liggen overal wolvendrollen op het pad. Dat is niet zomaar. Zo’n drol noem je een geurvlag. Deze geurvlaggen worden gebruikt voor territoriumafbakening.

Wolven gebruiken de paden net als mensen, omdat het weinig energie kost om eroverheen te lopen. Door op de paden geurvlaggen achter te laten, waarschuwen ze andere wolven: blijf weg! Ze leggen deze geurvlaggen op plekken waar ze goed kunnen worden geroken.

Om de zoveel meter wolven poep (geurvlaggen) op de trail.

We vinden verschillende prenten in de zachte vochtige grond

Op de afbeelding hieronder zie je de prenten van dichtbij. Honden zijn verboden in dit gebied, en aangezien er om de 3 à 10 meter een wolvendrol lag, acht ik de kans groot dat de twee grote prenten en de wat kleinere prent van wolven zijn. Verder zie je in het midden twee kleinere prenten waarvan de tenen dicht op elkaar zitten; deze prenten zijn van de das. De afdrukken van de nagels vertellen ook iets over de dieren waarmee we te maken hebben. Bij de das staan de nagels wat verder van de tenen vandaan afgedrukt dan bij de wolf.

Afdrukken in de zachte vochtige grond.

Deze kat zat al meerdere dagen vast in deze boom, dus we hadden besloten om de kat bij het nationale park te melden.

Later kwamen we de boswachter tegen terwijl hij richting de kat reed. Hij zei: “I’m on a secret mission.” Ik hoorde geen pang, dus ik ben benieuwd hoe hij de kat uit de boom heeft gehaald.

Kat is de boom

De zachte vochtige laaggelegen veengrond wisselt af met een hoger gelegen duingebied. Hier is de bodem droog en vol historie.

Hoger gelegen duingebied

Als het in het dorp (meerdere kilometers verderop) 20 graden is, dan kan het hier in de duinen wel 30 graden zijn. Erg warm dus!
We zien sporen van een bosbrand van 2 jaar geleden.

Sporen van een bosbrand

Deze hooggelegen zandduinen zijn bewoond geweest. Sporen zijn, als je goed zoekt, op de grond terug te vinden.

Kogels van de duitsers

lindeboom die ooit naast een boerderij heeft gestaan

Hierboven zie je op de linkerfoto kogels die door regen en wind uit de bodem zijn gekomen. De kogels waren van de Duitsers die hier hebben gevochten. In de nacht van 15–16 augustus 1943 staken de Duitsers de boerderijen van de bewoners in brand. Hierna hebben de bewoners nooit meer van de overheid toestemming gekregen om in het gebied te wonen.

Op de rechterfoto hierboven zie je een lindeboom die ooit naast een boerderij heeft gestaan.

Op een informatiebord staat dat de mensen geen radio hadden. Ze hadden melk, boter, bessenstruiken, een kraaiende haan en prachtige vogelgeluiden, zoals die van de nachtengaal. Ze hadden zoveel als de ziel nodig had.

“Ze hadden zo veel als de ziel nodig had”

We kwamen dit prachtige informatiebord tegen. Het geeft informatie over de dieren die in het gebied leven.

Bord over dieren in de omgeving

Op de locatie van het informatiebord is ook een mooi uitzichtpunt. Niet al te ver verderop staat een uitkijktoren.

Om de zoveel meter ligt wolven poep op het pad.

Wolven poep

Ik zag onderstaande zigzaggreppel en kogel. Dit moet wel een loopgraaf van vroeger zijn geweest.

Moment van rust

Na 20 kilometer struinen was ik er wel klaar mee 😆. Mijn water was op en ik had honger. Gelukkig kwam ik de boswachter tegen, die me wel even een lift naar de parkeerplaats wilde geven. Het was een vrolijke, vriendelijke kerel.

We lopen langs een vossenburcht terug naar de auto en vervolgen de safari, rijdend langs de rivier de Biebrza. Het is echt een aanrader om met Biebrza Safari op excursie te gaan. Hij weet veel van natuur en van de omgeving.

Biebrza rivier

Onderweg kwamen we langs de weg een Grauwe Klauwier tegen.

De reis zit er op.
Ik kocht mijn favoriete ontbijt en vertrok richting Nederland

Links een poolse rogaliki, rechts een franse croissant

Tot slot besloot ik op de terugweg nog even deze Wangkerk (Staafkerk) te bezoeken.

Wat was dit een heerlijke reis!

Bedankt voor het lezen 👍 tot de volgende keer!

Vorige
Vorige

Op zoek naar het reekalf

Volgende
Volgende

Biebrza Nationaal Park – De reis naar het wilde Polen (Deel 1)